Waarom de NS 1700 de laatste 'klassieke' loc was

Portret van Jan van der Meer, modelspoorengineer en DCC-expert
Jan van der Meer
Modelspoorengineer & DCC-expert
Spoorweg Historie & NS Feiten · 2026-02-15 · 4 min leestijd

Je hoort hem van ver. Een diep, log gebrom dat langzaam dichterbij komt, gevolgd door het scherpe, bijna zingende geluid van een elektromotor die op toeren komt. De NS 1700.

Voor veel treinliefhebbers is dit geluid pure nostalgie. Maar waarom wordt deze locomotief nou gezien als de laatste 'echt klassieke' loc van de Nederlandse Spoorwegen? Het heeft alles te maken met een tijdperk dat net voorbij was, en een technologische sprong die daarna kwam.

Wat is een 'klassieke' locomotief eigenlijk?

Stel je een locomotief voor zoals je die in een oud plaatje ziet. Een forse, rechthoekige bak met een aparte cabine, vaak in twee kleuren geschilderd.

Die cabine zit niet helemaal vooraan, maar meer in het midden of achteraan. En het allerbelangrijkste: hij heeft een zogenaamde 'stroomafnemer' op het dak die stroom van de bovenleiding haalt, en die stroom wordt direct gebruikt om enorme elektromotoren aan te drijven. Geen ingewikkelde computers ertussen.

Gewoon mechanische en elektrische kracht, direct overgebracht op de wielen. Die directheid, die robuuste bouw en die herkenbare vormgeving: dát is wat we bedoelen met een 'klassieke' elektrische loc.

Het is een stukje industrieel erfgoed dat je kunt horen en voelen.

De NS 1700: een werkpaard met karakter

De NS 1700-serie werd gebouwd tussen 1990 en 1994. Dat klinkt misschien niet zo oud, maar in de treinenwereld is dat het einde van een tijdperk.

Deze locomotieven waren bedoeld om de oude, befaamde NS 1600 te vervangen voor het zwaardere werk. Ze konden zowel passagierstreinen als goederentreinen trekken, en waren overal in Nederland inzetbaar.

Het uiterlijk is onmiskenbaar: een lage, brede neus met twee grote, ronde koplampen die een beetje treurig kijken. Ze kregen de bijnaam 'Neus' of 'Potvis'. Het interieur van de cabine was functioneel, met veel hendels, knoppen en analoge meters. De machinist zat letterlijk op de machine, en voelde elke trilling. De 1700 was het laatste type dat op deze pure, ongecompliceerde manier werd gebouwd.

"De 1700 was de laatste loc waarbij je als machinist echt het gevoel had dat je een machine aan het temmen was. Alles wat daarna kwam, voelde meer als een computer besturen."

Waarom precies de 'laatste'?

Het zit 'm in twee dingen: de technologie en de filosofie. Wie terugkijkt naar waarom de NS 3700 de 'Jumbo' werd genoemd, ziet dat tradities in treinnamen diep zitten. Na de 1700-serie kwam de NS 186 (de TRAXX).

Dit is een moderne, modulaire locomotief die in grote aantallen over heel Europa wordt gebouwd. Het grote verschil? De 186 wordt aangestuurd door een boordcomputer. De machinist geeft commando's, maar de computer vertaalt dat naar de motoren.

Het is efficiënter, zuiniger en makkelijker in onderhoud. Maar het mist die directe, mechanische ziel.

Daarnaast was de 1700 de laatste die specifiek voor de Nederlandse spoorwegen werd ontworpen en gebouwd (door een consortium van bedrijven, waaronder Holec). Alles wat daarna kwam, is in feite een standaard Europees model dat je ook in Duitsland, Italië of Polen tegenkomt. De 1700 was een uniek Nederlands product, het sluitstuk van een nationale traditie van locomotiefbouw, die al veel eerder begon met de iconische Amerikaanse Whitcomb loc.

Varianten, liefhebbers en waar je ze nu nog vindt

Er zijn geen echte 'varianten' van de 1700, maar er zijn wel verschillen in bestickering. Ze reden eerst in het klassieke geel/grijs, later in het blauw/wit van NS, en sommige kregen reclame-uitingen. Voor liefhebbers is er een levendige markt.

Een goede, gedetailleerde modeltrein van een NS 1700 in schaal H0 (de meest populaire schaal) kost je al snel tussen de €250 en €400.

Voor dat geld krijg je digitaal geluid en fijne details. De echte, grote broers zijn nu grotendeels buiten dienst.

Een aantal is bewaard gebleven bij musea zoals het Spoorwegmuseum in Utrecht of bij de Stichting Klassieke Locomotieven. Als je geluk hebt, zie je er nog eentje op een bijzondere rit of als rangeerloc op een groot emplacement. Maar ze verdwijnen langzaam uit het straatbeeld.

Praktische tips voor de liefhebber

Wil je de sfeer van de 1700 proeven? Dit kun je doen:

  • Bezoek een museum: Het Spoorwegmuseum in Utrecht heeft er doorgaans een paar in de collectie. Je kunt er soms ook in de cabine kijken.
  • Volg bijzondere ritten: Houd de websites van museumlijnen en de SKLL in de gaten. Zij organiseren soms ritten met historisch materieel, waar een 1700 aan kan deelnemen.
  • Bouw of koop een model: Merken zoals Roco en Fleischmann maken prachtige modellen. Zoek op 'NS 1700 H0' bij gespecialiseerde webshops. Een mooi project om zelf te bouwen is er ook.
  • Luister naar geluidsopnames: Op YouTube vind je tientallen video's waarin je het unieke, zware geluid van de 1700 bij het optrekken en rijden kunt horen. Het is een geluid dat je niet snel vergeet.

De NS 1700 was dus niet de modernste of de snelste. Maar het was de laatste van een soort: een locomotief met een ziel, die het einde markeerde van een tijdperk waarin treinen nog door mensenhanden gemaakt en bestuurd werden, op de meest directe manier die je kunt bedenken. Het is een mooi contrast met waarom de NS 1600 de meest succesvolle loc van Nederland was.

En dat, dat is waarom treinliefhebbers er met zo'n warm gevoel op terugkijken.

Portret van Jan van der Meer, modelspoorengineer en DCC-expert
Over Jan van der Meer

Jan bouwt al meer dan tien jaar gedetailleerde modelspoorlandschappen en specialiseert zich in digitale DCC-besturing. Hij deelt zijn praktijkervaring met complexe decoderprogrammering en schaalgetrouw baanontwerp op deze site.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Spoorweg Historie & NS Feiten
Ga naar overzicht →